Actieonderzoek voor veranderaars

Inhoud van de studie

Kenmerken van het programma

  • Het programma beslaat 15 maanden en ondersteunt deelnemers in het opzetten en uitvoeren van een actieonderzoek in hun eigen werkomgeving
  • Het actieonderzoek dient tot minimaal twee van de volgende drie resultaten te leiden: verbeterde reflectie in het onderzochte verandertraject; een overdraagbare aanpak voor het onderzochte verandervraagstuk; een bijdrage aan de handelingstheorie van onderzoekend interveniëren.
  • Het leerproces is opgebouwd in zes seminars van twee dagen. Vooraf aan elk seminar krijgen deelnemers een schrijfopdracht. De opbouw van de schrijfopdrachten houdt de deelnemers als fulltime werkende professionals op schema.
  • Deelnemers kunnen hun onderzoek publiceren in vaktijdschriften. 
Opbouw van het programma
  • De focus is op het onderzoekdeel van actieonderzoek: de deelnemers gebruiken hun veranderkundige expertise en ervaring om kennis te ontwikkelen én gebruiken de kennisontwikkeling om hun verandertraject te versterken.
  • Het programma kent drie fasen: positioneren, orkestreren en concluderen van je actieonderzoek.
  • Het programma bestaat uit drie componenten: onderzoekbegeleiding (individueel en in groepen), werkcolleges waarin je oefent in methoden en vaardigheden van actieonderzoek, interactieve theoriecolleges van (inter)nationale docenten.
  • De grote variëteit aan internationaal beschikbare actieonderzoeksmethoden behandelen we in vier groepen: organisatiefeedback, klinisch onderzoek, datagericht insideronderzoek en relatiegericht insideronderzoek.
  • Als leidraad gebruiken we twee in Nederland ontwikkelde modellen van actieonderzoek: het drie-processenmodel van Schuiling en Kiewiet en het vier-contextenmodel van Schuiling en Vermaak. Het vier-contextenmodel is in 2016 bekroond als ‘best action research paper’ door de divisie Organizational Development and Change van de Academy of Management.
  • In het bijzonder zijn we geïnteresseerd in het ontwikkelen van kennis over vaardigheden in grenswerk. Het hanteren van spanningen en tegenstellingen in grensgebieden – zoals tussen professionals en managers; of tussen praktijkbeoefenaars en onderzoekers – zien we bij uitstek als een onderwerp waar actieonderzoek iets toe kan voegen aan theorieontwikkeling. Academisch onderzoek levert hiervoor waardevolle begrippen, maar dringt niet door in de ervaring van het midden in de spanning en tegenstelling verkeren. 

Mogelijke onderwerpen

Eerdere deelnemers hebben de volgende onderwerpen onderzocht:

  • ''We hebben een succesvolle veranderstrategie die ik overdraagbaar wil maken. Om verandervermogen en eigenaarschap te vergroten. Schokkende ontdekking is dat IK de eigenaar ben. Mijn onderzoek is nu een experiment om dat te veranderen.’ 
  • ‘Krachtige leer- ontwikkelpraktijken vergen een goed samenspel tussen medewerkers, leidinggevenden en L&O-professionals. Samen met collega’s onderzoek ik welke werkingsmechanismen helpend of niet-helpend zijn. 
  • ‘Ik schrijf mijn proefschrift in opdracht van een groot ingenieursbureau.  Actieonderzoek stelt ons in staat om een leerproces te faciliteren waarbij we bestuderen en interveniëren op interpersoonlijke uitdagingen verweven met praktische en wetenschappelijke inzichten.’ 
  • ‘Ik begeleid politie- en brandweerteams bij het reflecteren op en verbeteren van hun werk. Zoals bij vele frontlinie organisaties is er een kloof tussen leiding en teamleden. Men zoekt hoe die situatie te veranderen. Ik onderzoek welke interventies werken.’